Dit blijkt uit drie onderzoeken geleid door UMCG-cardiologen Dirk Jan van Veldhuisen, Kevin Damman en Peter van der Meer
Een lage dosis digoxine zorgt ervoor dat mensen met hartfalen minder vaak in het ziekenhuis terechtkomen en overlijden. Dit blijkt uit drie onderzoeken geleid door UMCG-cardiologen Dirk Jan van Veldhuisen, Kevin Damman en Peter van der Meer. Zij verwachten dat deze nieuwste inzichten ervoor zullen zorgen dat de richtlijnen voor hartfalen in de toekomst gaan veranderen, waardoor veel meer patiënten dit goedkope medicijn kunnen krijgen.
Hartfalen is een groot gezondheidsprobleem. Naar schatting leven ruim 500.000 mensen in Nederland met hartfalen. Dit aantal zal de komende jaren verder stijgen. Het hart van een patiënt met hartfalen is minder goed in staat om het bloed rond te pompen, wat vaak leidt tot ernstige benauwdheid, vermoeidheid en herhaaldelijke ziekenhuisopnames.
Op dit moment bestaat de standaardbehandeling voor hartfalen uit een combinatie van vier verschillende medicijnen, ook wel bekend als de ‘Fantastic Four’. Jarenlang onderzochten cardiologen of digoxine als vijfde medicijn een waardevolle aanvulling kon zijn. Nu blijkt uit de drie onderzoeken van het UMCG dat dit het geval is. Zij publiceerden hun onderzoeken maandag 11 mei in onder andere Nature Medicine en Journal of the American Medical Association (JAMA) en presenteerden de resultaten op het ESC Heart Failure Congress in Barcelona.
25% minder ziekenhuisopnames
De onderzoekers voerden een studie uit onder 1.000 Nederlandse patiënten met hartfalen uit 43 verschillende centra. De ene helft van de patiënten kreeg gemiddeld drie jaar lang een lage dosis digoxine bovenop hun behandeling, de andere helft een nepmedicijn (placebo). Digoxine verminderde de sterfte aan hart- en vaatziekten en verergering van hartfalen fors (19%). Dit effect was echter niet statistisch significant. Dankzij een meta-analyse met twee oudere onderzoeken, waarmee een veel grotere patiëntenpopulatie in beeld kwam, konden de onderzoekers wel vaststellen dat digoxine een belangrijke én statistisch significante toegevoegde waarde heeft. Ook wanneer het werd gegeven bovenop de vier standaardmedicijnen voor hartfalen. Het effect bestaat vooral uit een gemiddelde vermindering van 25% van het aantal ziekenhuisopnames voor hartfalen. Een lage dosering digoxine bleek bovendien veilig en gemakkelijk te zijn.
Vaker problemen als patiënten stoppen met digoxine
In een derde studie volgden de onderzoekers ongeveer 600 van de 1.000 patiënten die digoxine dan wel een placebo hadden gekregen. Hieruit bleek dat de patiënten die digoxine hadden gekregen en er vervolgens mee moesten stoppen in de eerste zes weken significant vaker problemen kregen dan patiënten die het middel nooit hadden gekregen. Van de 288 patiënten kwamen er 14 in het ziekenhuis terecht of overleden. Hoewel dit niet direct bewijst dat het medicijn werkt, was het effect indrukwekkend en verrassend, concluderen de onderzoekers.
Tien cent per dag
De onderzoekers verwachten dat de resultaten van de drie onderzoeken de richtlijnen voor hartfalen in de toekomst zullen veranderen, waardoor veel meer patiënten het goedkope medicijn kunnen krijgen. Dat is opvallend, omdat digoxine al eeuwen bestaat en in vergelijking met veel moderne hartfalenmedicatie zeer betaalbaar is. Digoxine kost nog geen tien cent per dag, terwijl veel nieuwe middelen voor hartfalen enkele euro’s per dag kosten.
Waarom digoxine en waarom een lage dosering?
Digoxine (vingerhoedskruid) is het oudste en goedkoopste medicijn voor de behandeling van hartfalen. Een lage dosering digoxine vermindert vooral allerlei ongunstige compensatiemechanismen bij hartfalen. Het remt bijvoorbeeld stresshormonen (zoals adrenaline) in het bloed. Dit is een gunstig effect. Vroeger werden vaak hogere doseringen van digoxine gebruikt. Dat zorgde ervoor dat hartspiercellen meer samentrekken en dat bleek niet gunstig: het is beter om een verzwakte hartspier te ontlasten.
De laatste 25 tot 30 jaar zijn er verschillende effectieve hartfalenmedicijnen op de markt gekomen. Daardoor is het gebruik van digoxine geleidelijk verminderd: ongeveer 15 procent van alle patiënten met hartfalen krijgt het voorgeschreven. Eerder onderzoek liet al zien dat patiënten die behandeld werden met lage doseringen digoxine het veel beter deden dan patiënten die hoge doseringen kregen. Tot dit nieuwe UMCG-onderzoek waren er echter nog geen gerandomiseerde, prospectieve onderzoeken die dit ook daadwerkelijk hadden onderzocht en vastgesteld.
Onderzoek mogelijk dankzij Hartstichting
Het is moeilijk om financiering te krijgen voor onderzoek naar dit soort medicijnen, terwijl ze juist kunnen bijdragen aan een betere en betaalbare behandeling van patiënten. De Hartstichting investeerde daarom 3 miljoen euro in dit onderzoek in het kader van de samenwerking met ZonMw binnen het programma Goed Gebruik Geneesmiddelen.
Bron: UMCG
/G_650_103.jpg)
/f_650_0013.jpg)
/a_650_0847.jpg)
/H325_INH_19062_03032.jpg)
/c_650_0111.jpg)
/a_650_0998.jpg)
/f_650_0085.jpg)
/a_650_1760.jpg)
/a_650_1267.jpg)
